Electrical tracing (weerstandsdraden)

Door elektrische weerstandsdraad vlakbij bloemen/vruchten/scheuten aan te brengen, kunnen deze tijdens een vorstnacht verwarmd worden. Deze techniek is praktisch niet uitvoerbaar bij de teelt van steen- en pitfruit (te grote en te complexe kruin), maar ze kan wel gebruikt worden in de druiventeelt. De standaard snoeisystemen op wijngaarden zijn de Guyot- en Cordonsystemen: aan het begin van het seizoen start men met een of meerdere vrijwel horizontale hoofdtakken, aangebonden aan dezelfde rijdraad. De techniek van ‘Electrical tracing’ bestaat eruit een elektrische weerstandsdraad aan deze rijdraad te bevestigen zodat deze tot vlakbij de hoofdtak komt en zo de scheuten verwarmt en beschermt.

Electrical Tracing

Figuur - Tracing /weerstands draad langs opbindkabel voor ‘guyot’ in druif voor vorstbescherming (Bron: Gaia underfloor heating).

De installatie is relatief eenvoudig: de weerstandsdraad wordt aangebracht over de volledige lengte van elke rij. Bij een rijafstand van 2 meter komt dit neer op 5000 meter tracing per hectare. De weerstandsdraden worden onderling verbonden via begraven ‘koude’ verbindingsstukken en dit in meerdere lussen. Er kan gebruik gemaakt worden van een thermostaat om het systeem automatisch te laten in- en uitschakelen. Op deze manier is het systeem minimaal arbeidsintensief.

Het totale vermogen van de installatie is afhankelijk van de te beschermen oppervlakte en van het vermogen van de weerstandsdraad (W/m). Bijvoorbeeld: een installatie van 10 W/m vraagt 50 kW/ha. Dit vermogen en de locatie van het perceel bepalen of de installatie kan aangesloten worden op de bestaande elektriciteitsinstallatie van het bedrijf, of er een aparte aansluiting op het elektriciteitsnet moet voorzien worden of er een generator nodig is.

Pas recent zijn er meerdere bedrijven met zulke tracing-systemen op de markt gekomen. De praktijkervaring is daarom nog beperkt. De geclaimde temperatuurswinst bedraagt 2 tot 4°C, afhankelijk van de ingezette vermogens.

Ook binnen het Frostinno-project werd er met deze techniek geëxperimenteerd met de focus op een verbeterde efficiëntie en een bredere inzetbaarheid. Tijdens de vorstperiode van 2020 kon een prototype van zo’n geoptimaliseerde installatie herhaaldelijk (meerdere vorstnachten) gemiddeld 25% van de opbrengst redden op een sterk vorstgevoelig perceel. In diezelfde vorstperiode gingen de vruchten van de onbeschermde controlegroep volledig verloren.

De commercieel beschikbare systemen zijn:

Hemsted

Danfoss

Gaia underfloor heating