Met het project ‘Meer natuur voor pittig fruit’ wil pcfruit – samen met andere partners – fruittelers aanzetten om te investeren in bloemen en struiken in en omheen de percelen om meer bestuivende insecten in de boomgaard te krijgen. Er is immers sprake van een bestuivingscrisis in het Hageland, Haspengouw, Zeeland en Nederlands Limburg. Wilde bijenpopulaties gaan er sterk achteruit. Dit heeft mogelijk grote ecologische en economische gevolgen.

 

Wat?

Om wilde bijen te lokken en hun alle groeikansen te geven in fruitboomgaarden zal zowel ingezet worden op het voorzien van huisvesting als het voorzien van voedsel voor de bijen.
Zo zullen er in totaal een 5000-tal wilde bijenhotels (nestblokken) worden opgehangen in fruitboomgaarden in het projectgebied.

Ook het voorzien van voldoende voedselaanbod is cruciaal. In het kader van het project zullen meer dan 10 ha bloemenweides/-stroken en een kleine 15.000 bloemrijke hagen, heggen en bomen aangelegd worden.

Ook zal er aandacht gaan naar nuttige predatoren ter bestrijding van plagen. In dat kader zal er gewerkt worden rond natuurlijke vijanden van woelratten en woelmuizen. Nestvoorzieningen voor marterachtigen (wezel, bunzing en hermelijn) zullen in dit project worden meegenomen en hun nut zal geëvalueerd worden.

 

Waar?

Het projectgebied bevat Haspengouw-Hageland in België en Zeeland-Nederlands Limburg in Nederland.

Wanneer?

Het project 'Meer natuur voor pittig fruit' heeft een looptijd van 3 jaren, van 1 januari 2016 tot 31 december 2018.

Partners

  • Regionaal Landschap Zuid-Hageland (projectverantwoordelijke / coördinator)
  • Regionaal Landschap Noord-Hageland
  • Regionaal Landschap Haspengouw en Voeren
  • Provincie Vlaams-Brabant
  • pcfruit (Voor Vlaanderen)
  • Stichting Landschapsbeheer Zeeland
  • Natuurrijk Limburg (voor Nederland)

Financierders

Het project 'Meer natuur voor pittig fruit' is gefinancierd binnen het Interreg V programma Vlaanderen-Nederland, het grensoverschrijdend samenwerkingsprogramma met financiële steun van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling. Meer info: www.grensregio.eu.
Er wordt tevens een deel cofinanciering voorzien door provincie Limburg en provincie Vlaams-Brabant.

Waarschuwingsbericht 30 mei 2017

Einde vliegperiode metselbijen

De metselbijen hebben zo goed als gedaan met vliegen en Monodontomerus obscurus – een sluipwesp die het gemunt heeft op de metselbijen begint nu aan haar activiteit. Bovendien gaat juni dikwijls gepaard met regen en dat schept een ideaal klimaat voor mijten. Het is tijd om maatregelen te treffen. 

Dat kan door de nestgelegenheden binnen te halen en te bewaren op een droge, donkere, afgesloten plek met buitentemperatuur. Een droge plek is belangrijk om de vermeerdering van de mijtenpopulatie tegen te gaan, want die houden van vochtige omstandigheden. Ook het materiaal zelf zal minder snel gaan rotten of schimmelen door ophopend vocht. Een donkere plek zal parasieten ontmoedigen om de nesten op te zoeken. Het afsluiten – dat kan door een fijn insectenwerend gaas, zoals gordijnstof – zal parasieten verhinderen om binnen te dringen en zal ontluikende parasieten uit het binnengehaalde materiaal doen afsterven.

De nestgelegenheden bewaren in een afgesloten, maar luchtdoorlatende palox bijvoorbeeld, is een ideale manier om ze veilig tot het volgende voorjaar te krijgen. Die buitentemperatuur is wel belangrijk omdat ze die temperaturen nodig hebben om al hun ontwikkelingsstadia correct te doorlopen.

Voor de nestgelegenheden die buiten blijven hangen, wordt het vogelwerend gaas best weer voor de nestgelegenheden aangebracht, indien dat was verwijderd voor het gemak van de bijen, want de meeste vogels zitten met jongen nu en die lusten wel eiwitrijke metselbijlarven. Controleer ook dat er geen kasten ‘schuin’ of ‘achterover’ hangen, zodat er bij hevige buien geen regenwater in de buisjes overblijft wat voor verrotting gaat zorgen. Ofwel verticaal, ofwel licht naar voren gebogen (her)ophangen. Check ook of aan het begin en einde van de rijen nog duidelijk genoeg is aangegeven dat de blokken er hangen – voor eventueel nazicht in de zomer / het najaar.

Bovengrondse migratie woelratten

Er is vorige week bovengrondse migratie vastgesteld van woelratten. Dit is goed nieuws voor predatoren die op knaagdieren belust zijn, zoals de torenvalk, de kerkuil, de ransuil, de steenuil, de wezel en de hermelijn. Zitstangen voor roofvogels vormen uitstekende uitkijkposten voor roofvogels en dichte struwelen of takkenhopen zijn voor de wezel en hermelijn een ideale uitvalsbasis. Ook ingegraven emmers aan de rand van het perceel, kunnen deze woelratten vangen en overlaten aan de predatoren waaronder zich ook katten en vossen kunnen bevinden.

Waarschuwingsbericht 30 maart 2017

Uithangen/vervangen nestgelegenheid

De gehoornde metselbij (Osmia cornuta) vliegt al volop! Nestgelegenheid voor metselbijen moet ten laatste deze week uitgehangen worden. Best uithangen op het zuidoosten en niet dwars op de spuitinrichting. Beschut tegen wind en regen. Materialen als bamboe, uitgeboorde gaten in hardhout, uitgefreesde hardhouten of keramische modules werken het best. Beginnende telers kunnen best starten aan de rand van het perceel, waar de kans op natuurlijke kolonisatie het grootst is. Vanaf drie jaar mag bamboe vervangen worden; leg het oud materiaal onder een struik of zo in de buurt van de oorspronkelijke plek om de laatste generatie nog te laten uitkomen en voorzie nieuwe bamboe op de oorspronkelijke plek om de nieuwe generatie nieuwe huisvesting te geven.

Uitleggen cocons metselbijen

Cocons van de gehoornde metselbij (Osmia cornuta) moeten deze week uitgelegd worden. Cocons van de rosse metselbij (Osmia rufa/bicornis) worden best volgende week uitgelegd. Uitleggen vlakbij de nestgelegenheid in een tegen de regen en zonlicht beschutte kartonnen doos voorzien van een gat waaruit de uitgekomen bijen kunnen ontsnappen.

Alternatieve voedselbronnen

Gezien de peren nog niet in bloei staan, is het belangrijk om in de onmiddellijke omgeving genoeg bloemenaanbod te hebben. Gefaseerd maaien, gemengde hagen of bloemenstroken kunnen daarbij helpen. De gehoornde metselbij vliegt op tientallen planten, houdt onder meer van boswilg, primula, blauwe druifjes, gewone paardenbloem, koolzaad, vingerhelmbloem, scherpe boterbloem, kruipende boterbloem, veldesdoorn en sleedoorn.

Welke bijen zijn actief?

De gehoornde metselbij en enkele nuttige zandbijen zoals het roodgatje zijn nu al actief : voorzichtigheid geboden met middelen met negatieve impact .

Meer weten over wilde bijen en hommels