Vorstschade druif
Situering
Door de klimaatveranderingen worden we vaker geconfronteerd met weersomstandigheden die ongunstig zijn voor de wijnbouw. De gemiddelde temperatuurstijging heeft tot gevolg dat er steeds vaker warme dagen zijn, vroeg in het seizoen, waardoor de knopontluiking steeds vroeger plaats vindt (Figuur 1). Uit de huidige beschikbare info blijkt momenteel niet dat er vaker vorstdagen voorkomen, maar door de vroegere ontluiking is de periode waarin de druivenplant onderhevig is aan vorstgevaar wel toegenomen (Le Roux et al., 2015). De wijnbouwer dient zich daarvan bewust te zijn. De gevoeligheid van de wijnstokken varieert naargelang de variëteit (sommige variëteiten zoals Chardonnay lopen nu eenmaal vroeg uit), en het fenologisch stadium waarin de druivenplant zich bevindt.
Vorstschade
Acute dood van cellen door vorst treedt op bij zeer lage omgevingstemperaturen wanneer ijsvorming in de cellen ontstaat en membranen bijgevolg stuk gaan (Keller, 2015). De weerstand tegen vorst verschilt tussen plantendelen en hangt sterk af van de hoeveelheid water in een plantdeel en de hoeveelheid opgeloste stoffen in het plantensap en cellen (die het vriespunt van de vloeistof beïnvloeden en verhinderen dat zich grote kristalstructuren kunnen vormen). Om die reden varieert de gevoeligheid in de eerste fenologische stadia.
Bij de druiventeelt resulteert vorstschade in de bevriezing van gehele knoppen of scheuten. Knoppen en zeer jonge scheuten bevriezen volledig en kleuren na 24u volledig bruin. De beschadigde knoppen voelen dan ook zacht aan wanneer je er op knijpt. Bij meer ontwikkelende scheuten is het bovenste, jongste deel van de scheut het meest kwetsbaar. Wanneer dat deel bevriest, stopt de ontwikkeling van de scheut. Wanneer de scheut al trossen had gevormd, sterven die enkele dagen later volledig af.
Op bovenstaande foto's zie je een vorstbeschadigde openbrekende knop (Foto 1 ©Allgauer Zeitung), vorstbeschadigde scheut 3-bladstadium (Foto 2 ©Weinlandschweiz), schade aan jonge scheut na vorstnacht (Foto 3) en secundaire scheut die na beschadiging uitgroeit (Foto 4 ©wein.plus).
Druiven vormen na vorstschade wel onmiddellijk nieuwe scheuten vanuit reserveknoppen die wederom trossen zullen gaan dragen, maar met meerdere weken vertraging. Door die achterstand zijn de trossen tegen het einde van het seizoen zelden rijp genoeg voor de productie van (schuim)wijn.
Wat na vorstschade?
Relatie temperatuur en vorstschade
Ook bij druiven geldt er dat naarmate de scheut verder ontwikkeld is, de kritische nachtvorsttemperatuur stijgt. Net als bij pit- en steenfruit geldt dat die kritische luchttemperaturen bepaald zijn onder gecontroleerde omstandigheden en dat ze kunnen afwijken in de praktijk (bv. door hoog warmteverlies via straling wanneer geen bewolking aanwezig is).
Specifiek voor druiven gaan vochtige omstandigheden de kritische temperaturen in belangrijke mate verhogen. Daaronder verstaan we scheuten die nat van de regen zijn tijdens de vorstnacht, maar ook scheuten die nat worden door condensatie tijdens de vorstnacht (RV op scheuthoogte stijgt boven 95%, condensatie en rijmvorming op gras zichtbaar).
Op Tabel 1 zie je de kritische temperaturen voor vorstschade aan bloemknoppen en jonge scheuten van wijndruiven onder droge en natte omstandigheden. Wanneer een temperatuurbereik wordt opgegeven, duidt de hoogste temperatuur op 10% en de laagste temperatuur op 90% beschadigde scheuten.